Het is winter. Er was mij gezegd dat de winters hier mild waren. Deze winter is dan zeker een uitzondering. Er ligt zelfs sneeuw. De veerpont kon een week lang niet varen vanwege kruiend ijs of zoiets. Gelukkig had ik voldoende voorraden in mijn vriezer. Zonder vriezer is het lastig leven hier.
Het is fijn om Kaylynn in de buurt te hebben, dan heb ik wat aanspraak. Maar ze is vaak erg druk met haar winkeltje. Ze beloofde om me te helpen om mijn huis op te knappen, maar tot nu toe had ze steeds geen tijd en ik wil niet blijven aandringen. Ik zou zelf eens wat kunnen doen, maar... Tja, laten we zeggen dat ik een beetje lui ben.
Ik voel me nog steeds eenzaam en ik vraag me af of het geen grote vergissing is geweest om hier te gaan wonen. Zelfs de school begon me weer aanlokkelijk te lijken. De dagen zijn kort en de nachten lang en donker. Er waait een ijzige wind uit het noorden, die door de kieren van mijn huisje komt. 's Morgens word ik wakker met de rijp op de ramen.
Toch komen er soms nog toeristen. Ze komen 's morgens met de pont, hangen wat rond in het dorp, kopen wat bij Kaylynns winkeltje en vertrekken 's avonds weer om op het vasteland of op een ander eiland te overnachten. De meesten zijn vogelaars. Er schijnen hier zeldzame vogels te zitten.
Het is fijn om Kaylynn in de buurt te hebben, dan heb ik wat aanspraak. Maar ze is vaak erg druk met haar winkeltje. Ze beloofde om me te helpen om mijn huis op te knappen, maar tot nu toe had ze steeds geen tijd en ik wil niet blijven aandringen. Ik zou zelf eens wat kunnen doen, maar... Tja, laten we zeggen dat ik een beetje lui ben.
Ik voel me nog steeds eenzaam en ik vraag me af of het geen grote vergissing is geweest om hier te gaan wonen. Zelfs de school begon me weer aanlokkelijk te lijken. De dagen zijn kort en de nachten lang en donker. Er waait een ijzige wind uit het noorden, die door de kieren van mijn huisje komt. 's Morgens word ik wakker met de rijp op de ramen.
Toch komen er soms nog toeristen. Ze komen 's morgens met de pont, hangen wat rond in het dorp, kopen wat bij Kaylynns winkeltje en vertrekken 's avonds weer om op het vasteland of op een ander eiland te overnachten. De meesten zijn vogelaars. Er schijnen hier zeldzame vogels te zitten.
Ik heb een nieuwe buurman. Een paar huizen verderop werd druk geklust en nu is het huis bewoond. De buurman kwam zich voorstellen, hij heet Paul Kievit en hij is loodgieter. Een aardige kerel. Fijn, aanspraak!
En moet je zijn huis zien, toen hij het kocht was het in dezelfde staat als het mijne. Hij heeft er wat bijgebouwd en alles gemoderniseerd. Wel gaat zo een deel van het historische karakter verloren, maar toch zou ik willen dat ik met mijn huis ook zoiets kon doen. Centrale verwarming en zo...
Paul vertelde me dat hij op dit eiland is geboren. Hij is vertrokken toen hij trouwde en nu is hij gescheiden, zijn vrouw is een zangeres en ze is er met haar manager vandoor, naar Japan, daar hoopt ze carrière te maken. Raar verhaal. Hun zoontje Alan blijft bij Paul.
Ik heb Kaylynn leren schaken. Ze bakt er niet veel van, maar ze zegt dat ze het leuk vindt. Misschien zegt ze dat alleen maar om aardig tegen mij te zijn. Zij schijnt zich helemaal niet eenzaam te voelen, ze kent inmiddels alle bewoners van het eiland bij naam en vertelt me vele sappige roddels. Hoe doet ze dat toch? Ze is hier al helemaal ingeburgerd en ik hang er maar een beetje bij.
Kaylynn zei dat ze vond dat ik zo boeiend kon vertellen over de geschiedenis van dit eiland. Ze zegt dat ik een geboren leraar ben. Tja... ik denk dan terug aan mijn jaren op school, al die ongeïnteresseerde pubers die in hun banken hangen en met propjes gooien zodra je ze de rug toekeert. Of je filmen met hun mobieltje en je gestuntel op YouTube zetten. Dat is me ook overkomen.
Maar ik praat graag over geschiedenis ja, dat is waar. Het ligt er maar aan tegen wie.
Ze maakte dat ik erover ging nadenken en nu heb ik besloten om een website te maken over het eiland, over de geschiedenis en de natuur. Misschien is dat een manier om meer toeristen deze kant op te lokken.
Kaylynn zei dat ze vond dat ik zo boeiend kon vertellen over de geschiedenis van dit eiland. Ze zegt dat ik een geboren leraar ben. Tja... ik denk dan terug aan mijn jaren op school, al die ongeïnteresseerde pubers die in hun banken hangen en met propjes gooien zodra je ze de rug toekeert. Of je filmen met hun mobieltje en je gestuntel op YouTube zetten. Dat is me ook overkomen.
Maar ik praat graag over geschiedenis ja, dat is waar. Het ligt er maar aan tegen wie.
Ze maakte dat ik erover ging nadenken en nu heb ik besloten om een website te maken over het eiland, over de geschiedenis en de natuur. Misschien is dat een manier om meer toeristen deze kant op te lokken.
In ieder geval is het leuk om te doen, het houdt me bezig.
Ik was nog maar net begonnen toen de telefoon ging. Het was mijn tante Janny uit Rotterdam. Ik was heel blij om van haar te horen, ze is een zus van mijn vader en een van de weinige familieleden die ik nog heb. En natuurlijk laat ik veel te weinig van me horen.
Maar tante Janny had geen goed nieuws. Ze vertelde dat haar dochter Cynthia, mijn nicht dus, een autoongeluk heeft gehad en in het ziekenhuis ligt. Ze vroeg of ik wilde komen.
Dus ik vroeg Paul om een oogje op mijn broeikas te houden (er groeit nog steeds van alles, onder lampen), vroeg Kaylynn om me naar de veerpont te brengen, en nam aan de overkant de trein naar Rotterdam.
Ik schrok wel toen ik mijn nicht terugzag, ze ligt in een coma. Ze zit met allemaal draden en buizen aan piepende machines vast en het ziet er niet best uit.
Het erge is, Cynthia heeft een dochter, Brenda. Ze is elf en het kind heeft het er moeilijk mee. Ze logeert bij een schoolvriendinnetje, maar daar kan ze niet blijven want die hebben al een vakantie geboekt, als het kerstvakantie is, gaan ze naar de sneeuw. En bij tante Janny kan ze ook niet terecht, die woont in een serviceflat voor bejaarden en ze zit in een rolstoel. Cynthia is niet getrouwd en ze heeft nooit verteld wie Brenda's vader is.
Tante Janny vroeg me of Brenda voor de kerstvakantie bij mij mocht logeren. Dat zou haar wat afleiding geven. Ja, daar schrok ik wel even van, want ik ben niet zo goed met kinderen. Hoe moet ik zo'n klein meisje nou bezighouden? Onderweg in de trein belde ik Kaylynn, die beloofde ons op te halen bij de pont.
Dus ik vroeg Paul om een oogje op mijn broeikas te houden (er groeit nog steeds van alles, onder lampen), vroeg Kaylynn om me naar de veerpont te brengen, en nam aan de overkant de trein naar Rotterdam.
Ik schrok wel toen ik mijn nicht terugzag, ze ligt in een coma. Ze zit met allemaal draden en buizen aan piepende machines vast en het ziet er niet best uit.
Het erge is, Cynthia heeft een dochter, Brenda. Ze is elf en het kind heeft het er moeilijk mee. Ze logeert bij een schoolvriendinnetje, maar daar kan ze niet blijven want die hebben al een vakantie geboekt, als het kerstvakantie is, gaan ze naar de sneeuw. En bij tante Janny kan ze ook niet terecht, die woont in een serviceflat voor bejaarden en ze zit in een rolstoel. Cynthia is niet getrouwd en ze heeft nooit verteld wie Brenda's vader is.
Tante Janny vroeg me of Brenda voor de kerstvakantie bij mij mocht logeren. Dat zou haar wat afleiding geven. Ja, daar schrok ik wel even van, want ik ben niet zo goed met kinderen. Hoe moet ik zo'n klein meisje nou bezighouden? Onderweg in de trein belde ik Kaylynn, die beloofde ons op te halen bij de pont.
Ik had me geen zorgen hoeven maken, want Kaylynn kan met iedereen opschieten, ook met kinderen, dat bleek maar weer. Ik vroeg me af of ze het niet koud heeft in die kleren, iedereen loopt in een winterjas en zij gaat toch wel erg schaars gekleed. Maar ze zei dat het in Denemarken nog veel kouder is. Tja, ik zou toch maar een wollen trui aantrekken als ik haar was. Ze verkoopt ze wel in haar winkeltje.
Goed, daar lag ik dus weer op de bank te slapen, Brenda lag in mijn bed. Middenin de nacht hoorde ik haar snikken. Ik voelde me een beetje ongemakkelijk toen ik ging kijken. Ze zei dat ze bang was voor de wind. Die loeide ook wel erg hard om het huis. En het sneeuwde alweer. Ik denk ook dat ze haar moeder wel miste, het is ook niet niets wat haar is overkomen. Ik had zo'n medelijden met dat kleine meisje. Ik probeerde haar een beetje af te leiden met een verhaal over de vikingkoning. Ik maakt het allemaal een beetje mooier en minder bloederig dan de werkelijke geschiedenis. Het was vast niet boeiend want halverwege viel Brenda in slaap. Zelf lag ik nog een hele tijd wakker. Ik kon niet meer in slaap komen op die bank. Het is ook wel een oud rotding. Misschien moet ik volgende keer als ik in Rotterdam ben eens bij Ikea kijken. Maar ik probeer zo zuinig mogelijk te zijn met mijn spaargeld, als het op is, dan heb ik een probleem.
De volgende ochtend voelde ik me niet echt geweldig, mijn rug deed zeer en ik was niet bepaald uitgerust.
Goed, daar lag ik dus weer op de bank te slapen, Brenda lag in mijn bed. Middenin de nacht hoorde ik haar snikken. Ik voelde me een beetje ongemakkelijk toen ik ging kijken. Ze zei dat ze bang was voor de wind. Die loeide ook wel erg hard om het huis. En het sneeuwde alweer. Ik denk ook dat ze haar moeder wel miste, het is ook niet niets wat haar is overkomen. Ik had zo'n medelijden met dat kleine meisje. Ik probeerde haar een beetje af te leiden met een verhaal over de vikingkoning. Ik maakt het allemaal een beetje mooier en minder bloederig dan de werkelijke geschiedenis. Het was vast niet boeiend want halverwege viel Brenda in slaap. Zelf lag ik nog een hele tijd wakker. Ik kon niet meer in slaap komen op die bank. Het is ook wel een oud rotding. Misschien moet ik volgende keer als ik in Rotterdam ben eens bij Ikea kijken. Maar ik probeer zo zuinig mogelijk te zijn met mijn spaargeld, als het op is, dan heb ik een probleem.
De volgende ochtend voelde ik me niet echt geweldig, mijn rug deed zeer en ik was niet bepaald uitgerust.
Brenda kwebbelde meteen de oren van mijn hoofd. Het verdriet van de nacht was alweer vergeten. Ze wilde alles weten over de vikingkoning, het blijkt dat ze toch wel heeft geluisterd.
Buiten lag sneeuw. Ze wilde graag naar het strand, tante Janny had haar verteld dat ik aan zee woonde.
Het was heel koud, er stond een ijzige wind, die je de adem afsneed. Maar ze vond het geweldig. Ze huppelde maar om me heen als een stuiterballetje, wilde alle schelpen meenemen die ze vond, wilde de namen van alle vogels weten die we zagen (ik had vaak geen idee, toch maar eens neuzen op internet hoe die beesten allemaal heten) en kwam thuis met een berg zand in haar schoenen.
Later die week lag er echt een dik pak sneeuw. We zouden een witte kerst krijgen als het zo doorging.
We voerden hele sneeuwgevechten in de tuin, ik heb in jaren niet zo'n plezier gehad.
Buiten lag sneeuw. Ze wilde graag naar het strand, tante Janny had haar verteld dat ik aan zee woonde.
Het was heel koud, er stond een ijzige wind, die je de adem afsneed. Maar ze vond het geweldig. Ze huppelde maar om me heen als een stuiterballetje, wilde alle schelpen meenemen die ze vond, wilde de namen van alle vogels weten die we zagen (ik had vaak geen idee, toch maar eens neuzen op internet hoe die beesten allemaal heten) en kwam thuis met een berg zand in haar schoenen.
Later die week lag er echt een dik pak sneeuw. We zouden een witte kerst krijgen als het zo doorging.
We voerden hele sneeuwgevechten in de tuin, ik heb in jaren niet zo'n plezier gehad.
Brenda wilde een kerstboom, dus we gingen bij Kaylynns winkeltje kijken, dat geheel in kerstsfeer was ingericht en ja, ze had ook een paar boompjes ingekocht. Dat zijn haar woorden hoor, boompjes zei ze.
Het ding paste amper in mijn kleine huiskamertje. En hij begon meteen al uit te vallen. Ondanks dat ik geen centrale verwarming heb. Nu hebben we zand en dennenaalden op de vloer.
Maar het rook zo lekker, die boom, het deed me denken aan mijn kindertijd.
Het ding paste amper in mijn kleine huiskamertje. En hij begon meteen al uit te vallen. Ondanks dat ik geen centrale verwarming heb. Nu hebben we zand en dennenaalden op de vloer.
Maar het rook zo lekker, die boom, het deed me denken aan mijn kindertijd.
Bij een kerstboom horen ook pakjes. Ik kocht een boek voor haar over vogels. Door Kaylynn werd ze hele maal verwend, die kwam aanzetten met een kinderfornuisje. Ze kon er zelf koekjes op bakken. Daar zijn ze samen heel wat uurtjes mee bezig geweest. Dennegeur, bakluchtjes, het was echt zo gezellig.
Samen keken we tekenfilms op de televisie.
We hadden zelfs een echt kerstdiner. Kaylynn heeft gekookt en ze gaf me een tafelkleed cadeau voor kerst, dat kwam goed uit. Het kleverige plastic kleedje dat ik heb ik niet echt sfeervol.
Buurman Paul werd ook uitgenodigd en hij bracht het dessert mee. En zijn zoon Alan, die had ik nog niet gezien.
Ik moest van Kaylynn een voorafje maken, dat werd dus groentesoep, dat is het enige dat ik kan dat ik aan gasten durf voor te zetten. Maar het was heel gezellig.
Buurman Paul werd ook uitgenodigd en hij bracht het dessert mee. En zijn zoon Alan, die had ik nog niet gezien.
Ik moest van Kaylynn een voorafje maken, dat werd dus groentesoep, dat is het enige dat ik kan dat ik aan gasten durf voor te zetten. Maar het was heel gezellig.
We vierden ook nog oudejaarsavond met z'n allen, met oliebollen en vuurwerk en daarna was het tijd om Brenda terug te brengen naar Rotterdam. Met tegenzin moet ik zeggen. Ik had het zo gezellig gevonden met Brenda over de vloer, het is zo'n levendig kind, altijd babbelen, altijd vrolijk, heel nieuwsgierig. En ik maakte me zorgen ook. Waar moest ze heen? Weer bij dat vriendinnetje logeren? Cynthia lag nog in het ziekenhuis en gaf geen teken van leven. Bij tante Janny kon ze niet terecht.
Toen zei Paul: "Waarom komt ze niet hier wonen dan? Ze kan samen met Alan naar school. Ze zijn daar blij met elke nieuwe leerling."
Toen zei Paul: "Waarom komt ze niet hier wonen dan? Ze kan samen met Alan naar school. Ze zijn daar blij met elke nieuwe leerling."
School? Is er een school op dit eiland? Dat wist ik helemaal niet. Het blijkt van wel. Een klasje maar, ze hebben vijftien leerlingen of zo. Maar het onderwijs is prima volgens Paul.
Ik zei dat ik geen plaats heb voor een kind in dit kleine huis. "En de zolder dan?" zei Paul.
De zolder is een stoffige vliering onder de kale pannen. "Geen wonder dat het hier niet warm te stoken is," zei Paul. "Als dat nou toch geisoleerd moet worden, dan maken we daar toch gelijk een leuk kamertje voor het meisje? Ik help je wel."
Dus daar ging ik weer met Brenda, met de veerpont, de trein en de metro naar het ziekenhuis. Brenda was erg overstuur toen ze Cynthia daar zo zag liggen. Ik moet zeggen dat ik er zelf ook akelig van werd. We ging naar tante Janny, waar ik vertelde over mijn plan. Die was meteen enthousiast. "Oh, dat zou toch zo fijn zijn, Arnoud," zei ze. Ze zei dat ze wel kon zien dat Brenda het bij mij naar haar zin had gehad. Brenda had al honderduit verteld over vogels, vikingen, tante Kay en oom Paul en Alan.
Ik bracht Brenda weer bij haar vriendinnetje en ging alleen terug naar Kraaienplaat, waar al hard gewerkt werd door Paul en zijn vrienden. Ik probeerde te helpen, maar Paul zei dat ik in de weg liep, dat ik beter voor koffie kon gaan zorgen. Wat ik dan maar deed.
De zolder is eigenlijk een vliering. Je komt er via een houten ladder. Ik hoop dat Brenda daar niet vanaf gaat vallen. Er is maar een klein raampje.
Ik zei dat ik geen plaats heb voor een kind in dit kleine huis. "En de zolder dan?" zei Paul.
De zolder is een stoffige vliering onder de kale pannen. "Geen wonder dat het hier niet warm te stoken is," zei Paul. "Als dat nou toch geisoleerd moet worden, dan maken we daar toch gelijk een leuk kamertje voor het meisje? Ik help je wel."
Dus daar ging ik weer met Brenda, met de veerpont, de trein en de metro naar het ziekenhuis. Brenda was erg overstuur toen ze Cynthia daar zo zag liggen. Ik moet zeggen dat ik er zelf ook akelig van werd. We ging naar tante Janny, waar ik vertelde over mijn plan. Die was meteen enthousiast. "Oh, dat zou toch zo fijn zijn, Arnoud," zei ze. Ze zei dat ze wel kon zien dat Brenda het bij mij naar haar zin had gehad. Brenda had al honderduit verteld over vogels, vikingen, tante Kay en oom Paul en Alan.
Ik bracht Brenda weer bij haar vriendinnetje en ging alleen terug naar Kraaienplaat, waar al hard gewerkt werd door Paul en zijn vrienden. Ik probeerde te helpen, maar Paul zei dat ik in de weg liep, dat ik beter voor koffie kon gaan zorgen. Wat ik dan maar deed.
De zolder is eigenlijk een vliering. Je komt er via een houten ladder. Ik hoop dat Brenda daar niet vanaf gaat vallen. Er is maar een klein raampje.
Het dak is nu geisoleerd, alles is schoon en netjes en geverfd en er ligt vloerbedekking. Er staat een bed en een bureautje, het is niet geweldig, maar voorlopig moet dit afdoende zijn. Als het nog langer gaat duren, zou ik een dakkapel kunnen nemen, zei Paul.
Dit alles is in twee weken tijd gedaan. Daarna ging ik weer naar Rotterdam, dit keer niet met de trein maar met het busje van Kaylynn. Ik bracht nog een bezoek aan Cynthia (geen verandering in haar toestand) en aan tante Janny. We laadden Brenda's kleren en speelgoed in het busje en nu woont ze dus voorlopig hier.
Dit alles is in twee weken tijd gedaan. Daarna ging ik weer naar Rotterdam, dit keer niet met de trein maar met het busje van Kaylynn. Ik bracht nog een bezoek aan Cynthia (geen verandering in haar toestand) en aan tante Janny. We laadden Brenda's kleren en speelgoed in het busje en nu woont ze dus voorlopig hier.
Ze was blij met haar nieuwe bed. En ik ook, nu hoef ik niet meer op de bank.
Morgen mag ze naar haar nieuwe school, samen met Alan, ik hoop dat ze het er leuk vindt.
Morgen mag ze naar haar nieuwe school, samen met Alan, ik hoop dat ze het er leuk vindt.
Ik wist niet dat het zo leuk was om kinderen over de vloer te hebben.
-o-o-o-o-
Huishoudens: 4 (Lillard en Kievit erbij)
Speelbare Sims: 6
CAS Sims: 2
Zaken: 1
Banen vrijgespeeld: geen
Branden en inbraken: geen
Vermenigvuldigingsfactor: 2
Populatie: 12
















Geen opmerkingen:
Een reactie posten